Ik ben niet hip
Inderdaad, je leest het goed: ik ben niet hip. Ik twitter namelijk niet. Hoewel het 2009 is -hét Twitterjaar-, doe ik er niet aan mee.
Omdat Twitter afgelopen week onderwerp van gesprek was op de werkvloer, ben ik me toch maar eens gaan verdiepen in de wondere wereld van het fenomeen ‘Kijk eens waar ik ben, kijk eens wat ik doe’.
Ondanks dat er tussen mij en mijn collega’s enigszins een generatiekloof aanwezig is op sommige vlakken, zijn we het over één ding eens: Twitteren, wat een onzin! We doen het niet en we gáán het niet doen.
Toch lijken wethouders, burgemeesters en dé politici van het moment lijken hun heil gevonden te hebben in het welbekende twitteren. “Als de donder naar huis en kinderen”, laat Femke Halsema vandaag bijvoorbeeld weten. (Waarom nou weer Femke Halsema? Gewoon, omdat ik wist dat Femke twittert. Puur toeval dus.) Kritisch als ik ben, vraag ik me toch af wat de meerwaarde van deze manier van communiceren is. Ja, het is snel. Ja, iedereen weet wat je vandaag weer op je bordje hebt liggen. Maar nee, dat boeit mij niet. En nee, niet iedereen hoeft te weten wat IK vandaag op mijn bordje heb liggen. Toch schijnen mensen het interessant te vinden om anderen te laten weten wat hun zoal bezighoudt, opgesomd in enkele woorden. Toch schijnen mensen het interessant te vinden wat politici denken en uitvoeren, want hey, het is wél een politicus!!
Nee, ik heb genoeg aan Hyves en mijn e-mail. Prima om dingen te laten weten aan mensen waarvan ik wél wil dat zij het lezen.
Politici zijn hip.
